Waarom vernieuwing vastloopt, en waar beweging wel ontstaat.

"We moeten innoveren" is zo'n zin die overal gebruikt kan worden. En precies daarom betekent hij vaak bijna niets meer.
Ik heb grote organisaties gezien die ontzettend veel deden aan innovatie. Innovatielabs, workshops, pilots, nieuwe methodes, dashboards, taskforces, consultants, post-its in alle kleuren van de regenboog.
En toch veranderde er weinig.
Omdat ik dat patroon te vaak zag om het nog toeval te noemen.
Niet het gebrek aan ideeën is meestal het probleem. Ook niet het gebrek aan slimme mensen. Het probleem zit vaker in de uitvoering van kleine verbeteringen.
Daar ontstaat de wrijving. Daar komt het uitstel. Daar verschijnt het vriendelijke maar heel effectieve "nee".
Dat nee is zelden dom. Vaak is het juist structureel logisch. En dat maakt het extra frustrerend.

Dit boek gaat over innovatietheater. Over de rituelen van verandering zonder de inhoudelijke sprong.
Je vindt hier onder andere:
Ik probeer het probleem hier niet mooier te maken dan het is. Maar ook niet onnodig dramatisch.
Voor managers die willen begrijpen waarom innovatie zo vaak strandt. Voor consultants die de patronen aan beide kanten herkennen. Voor innovation leads die al jaren voelen wat er misgaat maar het lastig onder woorden krijgen. Voor mensen in de overheid of corporate wereld die dagelijks met deze traagheid leven.
Dit boek gaat niet over de uitzonderingen. Het gaat juist over de normale werkelijkheid.
Organisaties mislukken meestal niet bij innovatie omdat er geen ideeën zijn. Ze mislukken bij het veranderen van gedrag, processen en besluitvorming.
Dat is minder sexy dan innovatiepraat. Maar wel een stuk dichter bij de waarheid.
